Mona woont op de galerij van een appartementencomplex op Gran Canaria. Al twee jaar, 8 weken en anderhalf uur houdt ze haar vuisten stevig om de spijlen van de balustrade geklemd. Als ze loslaat, gaat het mis, weet ze sinds die hete augustusnamiddag toen ze erachter kwam dat ze omgekeerde hoogtevrees heeft. Mona is bang dat ze gewichtloos wordt als ze de balustrade loslaat en dat ze dan onherroepelijk ter hemel stort. Als mensen haar vragen hoe ze daarbij komt, buigt ze haar hart zo dicht mogelijk naar een knokige vinger van haar linkervuist en zegt ze licht hoofdschuddend: “Innerlijk weten, mijn kind. Innerlijk weten.” Sinds die hete augustusnamiddag is dat het enige wat ze nog zegt, ongeacht de vraag.
De directie van het complex had destijds wel geprobeerd haar eerst vriendelijk, toen onvriendelijk en later met brute kracht van haar plek te krijgen, maar ze had zo hard geschreeuwd en met haar ogen gerold dat de dorpsbewoners waren komen aanrennen. Ze hadden geroepen dat dit waarschijnlijk de heilige Mona was die aan hen was verschenen en dat de directie haar tot het einde der tijden moest voorzien van eten, drinken en oude leesmappen. De directie had daar al snel mee ingestemd. Niet zozeer om het zekere voor het onzekere te nemen. Niet omdat Mona precies op die hete augustusnamiddag haar veertigjarig jubileum had als [enigszins overjarig] kamermeisje en men vond dat dat een mooi moment was voor een soort van wederdienst. En zeker niet om de heilige Mona te vereren. Het was meer omdat de schreeuwende heks toeristen uit de hele wereld aantrok en dat de directie ongekende mogelijkheden had gezien voor sponsordeals en merchandising.
Twee jaar en acht weken geleden had Mona een halve bij een hele bij drie komma acht meter in het midden van de galerij betrokken, precies boven de plek waar de duiven samenkomen. Twee jaar en drie weken geleden was ze, gezien vanaf de deur van het trappenhuis, zeveneneenhalve meter opgeschoven naar links. Een soort promotie, want nu woont ze op de hoek. Precies boven de vuilcontainer, zodat ze haar ruimte met een eenvoudige beweging van haar rechtervoet schoon kan houden zonder ter hemel te storten.
Vorige week vrijdag kwam de directie ter ore dat de dorpsbewoners die destijds hadden geroepen dat dit waarschijnlijk de heilige Mona was die aan hen was verschenen [en dat de directie haar tot het einde der tijden moest voorzien van eten, drinken en oude leesmappen] hoogstwaarschijnlijk Mona’s echtgenoot en schoonfamilieleden waren. Vorige week vrijdag was een mooi moment geweest om Mona te laten opnemen. Dat had de directie vast gedaan als de naam van het hotel niet net was veranderd in ‘Mona’s Hemel op Aarde’.
Tags: &CO, blog, confetti, copy, copywriter, copywriter enschede, do, Dooo, dorothee, dorothee loorbach, en co, enschede, loorbach, loorbach en co, marketing, marketingcommunicatie enschede, sound of confetti, tekstschrijver, the sound of confetti
Do,
Prachtig onderwerp, doet me denken aan JMA Biesheuvel.
Alleen zijn je zinnen veel korter dan bij Jacob Maarten Arend.
Gaaf